Light of koolhydraatarm is niet hetzelfde, al wordt dat vaak wel gedacht.

Light frisdrank en zoetjes leveren dan wel geen calorieën, maar zijn die chemische zoetstoffen die erin zitten wel goed voor je lichaam? Met name over de zoetstofaspartaam is veel discussie; er worden allerlei ziekten aan toegeschreven. Is dat terecht? Aspartaam is een zoetstof zonder calorieën. Het zit in dranken, snoep, kauwgum, tandpasta en zoetjes. Kinderen worden van frisdrank of limonade met zoetstof minder dik dan van dranken met suiker. Aspartaam is dus beter voor de lijn. Maar is het veilig? Om die vraag te beantwoorden, moeten we eerst weten wat er in aspartaam zit. Aspartaam bestaat uit kleine, zoet smakende stukjes eiwit. Die worden verteerd en daarna is er geen verschil meer met eiwit uit melk, vlees of bonen. Verder zit er in aspartaam methanol. Dat klinkt gevaarlijk, spiritusdrinkers worden immers blind van methanol. Maar giftigheid is een kwestie van hoeveelheid (zie p. 93); in fruit zit ook methanol maar niet genoeg om schade te doen, ons lichaam breekt dat probleemloos af. Een liter light frisdrank met aspartaam levert evenveel methanol als een halve appel. Methanol uit aspartaam vormt dus geen risico voor de gezondheid. Als aspartaam te lang staat, bijvoorbeeld als light frisdrank over de datum raakt, ontstaat er diketopiperazine. Dat is een cirkelvormig eiwitje dat van nature in bier, koffie en broodkorst zit. Diketopiperazine is een onschuldige stof; je kunt levenslang tot zeventien liter overjarige light frisdrank per dag drinken zonder een schadelijke hoeveelheid diketopiperazine binnen te krijgen. Je kunt niet vaststellen dat aspartaam veilig is alleen op grond van wat erin zit. Er moet ook onderzocht worden wat er gebeurt met de gezondheid van mensen of dieren die het langdurig consumeren. Er zijn veel van die studies gedaan, en er is bij honderdduizenden mensen gekeken of degenen die veel aspartaam binnenkregen meer ziekten kregen. Die cijfers zijn door vele experts bekeken en die concludeerden dat aspartaam geen risico oplevert. (Zie ook p. 113.) Toch denken veel mensen bij aspartaam aan kanker. Vermoedelijk komt dat voort uit de geschiedenis van de allereerste zoetstof, sacharine. Sacharine bestaat al een eeuw. Vijftig jaar geleden bleek dat ratten van sacharine blaaskanker konden krijgen. Apen of muizen kregen dat niet en mensen die veel sacharine gebruikten ook niet. De verklaring bleek simpel. Gegeten sacharine verzamelt zich in de blaas voordat het wordt uitgeplast, en de onderzoekers hadden aan die ratten zulke grote hoeveelheden sacharine gevoerd dat het in hun blaas spontaan kristalletjes vormde. De binnenbekleding van de blaas werd door die kristalletjes als het ware gezandstraald. Daarom moest de blaas steeds weer nieuwe cellen maken om de kapotte plekken te repareren. Iedere keer nieuwe cellen maken vergroot op den duur de kans op mutaties en daarmee op kanker. Die blaaskanker werd dus veroorzaakt door een fout in het onderzoek, namelijk de toediening van te grote hoeveelheden sacharine aan een daarvoor gevoelige diersoort. De experts waren daardoor gerustgesteld, maar de verdenking van kanker bleef aan zoetstoffen hangen. Dat werd versterkt door een Italiaans onderzoek bij ratten. Ratten die met aspartaam waren gevoerd, kregen in die studie meer kanker. Er is wereldwijd intense discussie over dat onderzoek geweest, want in andere onderzoeken van aspartaam bij ratten werd dit niet gezien. De experts van de Europese Autoriteit voor Voedselveiligheid (E F A) (zie p. 122) vonden de conclusies van de Italiaanse onderzoekers niet juist en ze geven daar goede argumenten voor. Ik denk zelf dat de resultaten het gevolg waren van een paar toevallige uitschieters plus de grote hoeveelheid aspartaam die werd toegediend; dat was tot duizendmaal de normale dosis. Als je dat vertaalt naar suiker, praat je over honderden kilo’s per dag. Kunnen we vertrouwen op die experts en hun rapporten? Worden zij en wij niet misleid door de industrie? Ik geloof zeker dat fabrikanten alles uit de kast halen om hun producten aan de man te brengen, maar daar staat een grondige bewaking door de overheid tegenover, en weinig E-nummers liggen zo onder het vergrootglas als Eg5i, aspartaam. Het rapport van E FSA over aspartaam telt 263 bladzijden en er is bijna drie jaar aan gewerkt. E ESA heeft iedereen bevraagd en alles doorgekamd om maar geen stukje informatie te missen. Alle binnengekomen commentaren en de reacties daar weer op staan op internet en E FSA is transparant over de belangen van zijn experts. Ik vind hun conclusie dat aspartaam veilig is, goed onderbouwd. Niet dat ik mensen wil aanmoedigen om frisdrank met aspartaam te drinken. Light frisdranken zijn beter voor de lijn, maar ze bevatten net zo veel zuur als gewone frisdrank of vruchtensap en tasten daarmee het tandglazuur aan. Kraanwater is gezonder en beter voor het milieu. Aspartaam is niet de oplossing voor het obesitasprobleem, maar het is ook niet ongezond of giftig.

Bekijk voor meer informatie deze website over koolhydraatarme voeding en gerechten.

http://koolhydraatarmerecepten.jouwweb.nl/